Communiceren 

Communiceren doen we allemaal, maar hoe goed is jouw communicatie? Weet jij je in alle situaties krachtig en helder uit te drukken en bereik je dan ook je doel? Daarnaast zijn sociale vaardigden ook nodig bij een goede communicatie, zoals observeren wat er gebeurt, interpreteren en onderzoeken van de situatie door bijvoorbeeld samen te vatten wat de ander zegt en aanvullende vragen te stellen maar ook goed feedback geven en ontvangen of kunnen omgaan met weerstand en conflicten horen hierbij. We gaan in op de volgende sociale vaardigheden:

 Contact maken met anderen
Contact maken met anderen is niet voor iedereen vanzelfsprekend. Soms is het ook leuk om iemand te spreken die hetzelfde meemaakt, maar is zo iemand niet gemakkelijk te vinden. Op patiëntenverenigingen kun je vaak jongeren vinden die te maken hebben met dezelfde dingen. Een patiëntenvereniging is er ook vaak voor jongeren, of heeft een jongerenafdeling. Hier nog een aantal tips van MEE:

 

  • Kijk eens op de website van leefwijzer een community van, voor een door mensen met een handicap.
  • Ook op www.moov.nl een website voor jongeren tussen de 12 en 18 jaar met een lichamelijke beperking
  • Een ontmoetingsplek voor mensen met en zonder handicap is de site www.maakcontact.nl
  • Een datingsite met speciale aandacht voor mensen met een ziekte of handicap is de site www.41205.nl of www.zonnebloemlinq.nl
  • Voor jongeren die doof zijn kun je kijken op www.dovenrelatie.nl en www.doof.nl

Bekijk ook het filmpje van MEE over vriendenkringen: 

Voor meer informatie over mogelijkheden tot ondersteuning kun je kijken op de website van MEE en www.sociaalisolement.net


Waarnemen
Voor een goede communicatie moet je kunnen waarnemen wat er om je heen gebeurt. Een signaal moet je op de een of andere manier kunnen ontvangen. Niet alles is altijd wat het lijkt en daarom helpt het om met een open blik, onbevooroordeeld naar de dingen te kijken. Dit vergroot de kans op een goede interpretatie.

Waarneming gebeurt door zintuigen. Voor mensen benoemen we er meestal vijf: huid (voelen), neus (ruiken), tong (proeven), ogen (zien), oren (horen). Je kunt bijvoorbeeld ook nog je hart toevoegen (gevoel, intuïtie).

Over waarnemen en interpretatie kan je verder lezen op: 

> begin

 

 

 

 Lichaamstaal 

Hoe je bij iemand over komt, wordt maar voor een klein deel bepaald door de woorden die je uitspreekt. Je lichaamstaal of non-verbaal gedrag is hierbij belangrijk. Het laat bij de ontvanger een "gevoel" achter. Een gevoel dat vaak niet makkelijk in woorden is uit te drukken of valt te bewijzen. Bijvoorbeeld: "Ik heb het gevoel dat hij mij wel mag" of "ik twijfel aan zijn eerlijkheid." Dit gevoel heet "intuïtie" en we vinden het moeilijk om onder woorden te brengen. Toch kunnen we er ons op trainen lichaamstaal te herkennen en te vertalen. Meer weten?

Lees verder op http://www.lichaamstaal.nl/

> begin

 

 

Actief luisteren
Actief luisteren is meer dan je mond houden. Luisteren is echte belangstelling tonen. Je aandacht is gericht, je toont waardering en geeft feedback, niet alleen over de inhoud van de boodschap maar je toon vooral ook begrip voor de achterliggende emoties. De ander voelt zich gehoord en erkend.

luisteren, samenvatten, doorvragen

Je kunt actief luisteren en dit ook laten zien door: te reageren, door samen te vatten, door verder te vragen, door begrip te tonen, door jouw gevoel toe te voegen. Door een aandachtige houding.

TIP Voorbeeld: iemand vertelt je iets dan:

  • Houd oogcontact
  • Zorg voor actieve luisterhouding
  • Herhaal woorden van de ander
  • Doe intussen geen andere dingen

> begin

 

 

Samenvatten
Als je in een gesprek een tijdje vragen hebt gesteld en antwoorden hebt gekregen ligt er een heleboel informatie op tafel. Maar een deel daarvan is echt belangrijk voor het vervolg van het gesprek dat je aan het voeren bent of voor beslissingen die je op basis van het gesprek moet nemen.  Dan is het goed om even samen te vatten. Zeker als jij de leiding hebt van dit gesprek. Ook laat het zien dat je actief geluisterd hebt en dat je de ander waardeert.

TIP Samenvatten  

  • Vat samen in je eigen woorden. Je laat daarmee merken dat je de boodschap verwerkt hebt. Alleen letterlijk herhalen is zinloos.
  • Ga aan het eind van je samenvatting met je stem omhoog. Daarmee maak je duidelijk dat je samenvatting best tegen gesproken mag worden als het niet klopt.
  • Gebruik ‘u’ of ‘jij’ in je samenvatting. Daarmee maak je duidelijk dat het gaat om wat de ander heeft gezegd en niet om jouw mening: "U geeft aan dat het lastig voor u is om samen te werken deze collega omdat hij zo weinig tegen u zegt."
  • Verwerk zowel de inhoud als het gevoel in je samenvatting. Het gevoel is immers ook belangrijke informatie. Bovendien laat je daarmee zien dat je meeleeft. Ook is het nuttig omdat je daarmee de ander uitdaagt nog eens te reflecteren op wat hij zelf heeft gezegd.

> begin

 

 

Vragen stellen
Vragen stellen en luisteren horen bij elkaar. Als je goed luistert, weet je wat je moet vragen. Goede vragen zijn essentieel in elk gesprek. Het helpt om open vragen te stellen, dat wil zeggen vragen waar men niet direct ja of nee op kan antwoorden. Open vragen nodigen de ander uit om te vertellen. Probeer door te vragen, je kunt je hierbij ook richten op een mening of gevoel.

TIP Een voorbeeld:

  • Een gesprek sturen: ‘Wat kan je mij over jezelf vertellen?’
  • Informatie helder krijgen: ‘Hoeveel medicijnen slik jij per dag?’  
  • Emoties bespreekbaar maken: ‘Ik heb de indruk dat je je niet goed voelt. Wat voel je?’ Zo’n vraag heeft wat introductie nodig. Je kunt bijvoorbeeld je collega niet met zo’n vraag overvallen. 
  • Een ander aan het denken zetten: ‘Wat heb je de vorige keer gedaan toen dit gebeurde?’, ‘Welke gegevens heb je al gevonden?’

> begin

 


Geven en vragen van mening
Bij het vragen stellen kun je je ook richten op het geven of vragen een mening.  Met het geven van een mening geef je een waardeoordeel. Dit is een argument dat te maken heeft met je voorkeur.

Goede argumenten voldoen aan twee eisen:

  1. Een goed argument is juist. Dat wil zeggen: het is waar wat je zegt.
  2. Een goed argument is daarnaast geldig: het gaat over het onderwerp van het meningsverschil en niet over iets anders.

TIP  geef je mening met echte, logische en correcte argumenten. Als je mening gevraagd wordt, bedenk deze argumenten en check of de argumenten echt zijn.

> begin


Gevoelens vragen en uiten
Bij het vragen stellen kun je je ook richten op het geven of uiten van gevoel. Hiermee bevorder je je assertiviteit. Want assertief zijn wil zeggen dat je kunt uiten wat je denkt en voelt zonder een ander nodeloos te kwetsen met respect voor jezelf en respect voor de ander.

> begin

Feedback geven en ontvangen
De manier, waarop je met mensen omgaat, roept bij hen reacties op. De manier waarop je je gedraagt, dingen zegt, doet of juist laat, maakt op anderen een bepaalde indruk. Je kunt hierover iets zeggen.

Voorbeeld: Ik vind het prettig zoals jij af en toe de dingen tegen mij zegt. Ik vind het niet leuk, zoals jij telkens mij onderbreekt. Ik heb liever dat je mij eerst laat uitpraten.

TIPS voor het geven van feedback

  • Beschrijf waargenomen gedrag
  • Zorg dat de feedback actueel is
  • Geef ik-boodschappen
  • Wees specifiek en concreet
  • Geef advies
  • Geef alleen feedback als gedrag te veranderen is

Voor voorbeelden kijk op http://www.leren.nl/cursus/management/coaching/feedback-tips.html

Kijk ook eens bij Kritiek geven en Kritiek ontvangen

> begin

 Assertief reageren
Assertiviteit betekent dat je opkomt voor je eigen belang en behoeften zonder een ander te kwetsen. Als je te weinig opkomt voor je eigen belangen dan komt dat vaak als passief over, je laat over je heen lopen of wordt ‘ondergesneeuwd’. Als je te veel of heftig opkomt voor je belang, vaak ten koste van de ander, dan wordt dat vaak gezien als agressief gedrag.

TIPS

  • Luister naar je lichaam en durf het bespreekbaar te maken. Bijvoorbeeld ‘ik voel mij erg onprettig bij dit gesprek’.
  • Houd het bij je zelf. Geef je mening in de ik-vorm. Bijvoorbeeld ’ik voel, of bemerk dat…….’ 
  • Wees duidelijk en zeg direct ‘nee’. Je kunt een reden geven, maar doe dat niet om jezelf te verdedigen. Je hebt recht om ‘nee’ te zeggen.
  • Spreek je gevoelens uit. Gevoelens onder woorden brengen is heel lastig.
  • Spreek wensen uit. Vaak doen we dit in de vorm van een vraag. Het antwoord is dan vaak niet bevredigend.
  • Spreek irritaties uit.
  • Erken je eigen aandeel en maak dit bespreekbaar.
  • Realiseer dat je altijd op een situatie mag terug komen. Dus ben je niet assertief geweest. Bedenk dan hoe je je voelt.
  • Stel die vraag! Je hebt het recht om vragen te stellen.
  • Respecteer jezelf! Wees niet allen bezig met de zorg voor anderen, zorg ook goed voor jezelf.

> begin


 

 

Omgaan met weerstand
Weerstand komt opzetten als we vinden dat ons iets is aangedaan en we het er niet bij willen laten zitten. Weerstand is een intense, prikkelende toestand. Iemand met weerstand is emotioneel, koppig en enigszins irrationeel. Weerstand heeft te maken met angst voor het onbekende, maar ook met je beknot voelen in je vrijheid. Mensen voelen weerstand als ze een beperking opgelegd krijgen die ze als oneerlijk ervaren. Vrijheid is hierin een ruim begrip en betekent ook 'doen zoals je het gewend bent te doen' of 'denken zoals jij er altijd al over denkt'. De kunst van reageren op weerstand is daarom vooral de vinger op de zere plek leggen. Je moet erachter zien te komen wat de ander als 'oneerlijk' of bezwaarlijk in de situatie ervaart.

Niemand is heilig, dus ook jijzelf kunt, bij jezelf, weerstanden ervaren, bijvoorbeeld tegen hulpverleners. De kunst is om ook in zo'n geval goed bij jezelf na te gaan waar je bezwaar precies ligt. Denk er vervolgens over na hoe je dat bezwaar kunt wegnemen.

TIP: Wil je meer weten over hoe je met weerstand van anderen of bij jezelf om kunt gaan kijk voor tips en tactieken eens op: http://www.carrieretijger.nl/functioneren/professionele-vaardigheden/weerstand

> begin

 


Conflict hanteren
Een conflict of ruzie is een situatie waarin twee of meer mensen tegengestelde opvattingen of wensen hebben. Je hebt dus in ieder geval een meningsverschil. Lees meer hierover op: http://www.leren.nl/rubriek/persoonlijke_vaardigheden/conflict/

Bij het omgaan met conflicten spelen twee dingen een rol:

  1. Waar gaat het conflict over en hoe is het ontstaan?
  2. Met wie heb je het conflict, bijvoorbeeld iemand die dicht bij je staat of juist niet?

Je kunt op vijf manieren met een conflict omgaan. Het verschil tussen deze vijf manieren hangt samen met waar het conflict over gaat en hoe  je relatie is met diegene met wie je het conflict hebt: 

  1. Aanpassen: Als de inhoud, dus het belang van het conflict niet zo groot is en de relatie met de ander is erg belangrijk voor je dan zal je je vaak aanpassen.
  2. Vermijden: Is het belang van het conflict niet zo groot en de relatie met de ander is ook niet belangrijk dan zal je de confrontatie vaker vermijden.
  3. Vechten: Is het belang van de relatie niet zo groot maar het belang van de kwestie wel dan is een reactie vaak vechten.
  4. Samenwerken: Zijn zowel de relatie als de inhoud van het conflict erg belangrijk dan resulteert dit of in samenwerken of in onderhandelen
  5. Onderhandelen: zie samenwerken.

TIP  Wil je meer lezen over conflicten hanteren en wanneer je welke stijl moet kiezen? Kijk dan op de volgende website en volg de stappen van het plan. Aan het eind weet je precies welke stijl je moet kiezen, en waarom. http://www.carrieretijger.nl/functioneren/samenwerken/sociale-vaardigheden/conflicten-hanteren

> begin